Het was zo’n zaterdagavond dat ik op de bank hing, uit verveling, met de slaap tot gevolg. Ik schrok wakker toen ik Meat-Loaf ‘We’re gonna go all the way tonight, we’re gonna go all the way’ hoorde zingen. Zijn lange haren nat van het zweet, vastgeplakt aan zijn gezicht, in zijn witte overhemd met ruches waar zijn dikke pens zo lekker in uitkwam zong hij mij toe, alsof zijn leven er vanaf hing.

Ik wist niet hoe gauw ik rechtop moest gaan zitten, veegde snel nog wat kwijl langs m’n mondhoek weg, Meat moest niet denken dat ik begon te kwijlen door zijn verschijning tenslotte. Ik kwijl nou eenmaal, als ik plots in een diepe slaap stort. Geen tijd meer om m’n mond dicht te doen of te slikken vermoed ik; het overkomt de besten. Maar dat terzijde.

Meat Loaf wilde ‘all the way tonight’ maar dat had ik zelf niet helemaal in gedachten. Ik had gewoon een rustig avondje op de bank gepland en was helemaal niet voorbereid op al die poespas waar hij het over had. Nee zeg dit liet ik me niet gebeuren; ik stond op, gooide m’n haar los en riep hem toe ‘Stop right there!’. Waarna ik ook nog iets riep over dat ik nú moest weten of hij dan wel echt van me hield en voor altijd. Hij begon terug te krabbelen, wilde er nog een nachtje over slapen. Nou dat leek me eigenlijk een bijzonder goed idee, als hij er een nachtje over zou mogen slapen kon ik zelf ook lekker verder slapen en morgen zouden we alles vast in een heel ander daglicht zien.

Door de documentaire die de NPS over Meat-Loaf uitzond zaterdagavond, was ik weer even terug op schoolkamp in Biddinghuizen. Net zeventien en met een paar biertjes op stond ik hem toe te schreeuwen of hij mij forever zou luv’en, Terry uit de vierde. Terry zelf, al dronken na een derde flesje bier, stond mij met veel consumptie toe te schreeuwen dat hij er nog een nachtje over wilde slapen. Die nacht duurde nog lang en de verstopte lauwe biertjes smaakten goed. De volgende ochtend wist hij niets meer en dankte ik God op m’n blote knietjes dat juist dit stukje uit het geheugen van Terry was gewist.

Those were the days. De days dat ik er nog in geloofde dat een man me ‘so happy for the rest of my life’ kon maken. Ha! Ha ha! Good old schoolkamp memories, zo ver weg en door het horen van één nummer weer als gisteren. Heerlijk.