De dag dat ik de sleutel van mijn nieuwe huis ontving was eindelijk aangebroken!. Na de inspectieronde door het huis wilde ik er eigenlijk al meteen blijven. Ik moest nog even naar de notaris, waar ik officieel mijn handtekening onder het koopcontract zette, waarna ik de sleutel overhandigd kreeg van de vorige bewoners.

Toen ik die middag door het huis liep, drong het nog niet helemaal door dat ik dit vanaf nu ook echt mijn huis mocht noemen.
De eerste man die voet over mijn drempel zette was de schilder, die dezelfde middag de woonkamer en keuken al van een frisse kleur voorzag. Zijn prettige verschijning en aanwezigheid maakte dat er bijna niets uit mijn handen kwam. Gelukkig had hij daar geen last van en deden zijn handen wel wat de bedoeling was en zo stonden woonkamer en keuken binnen no time als nieuw in de verf.

De volgende dag stond de verhuizing gepland, waarvoor ik weer de nodige familie en vrienden opgetrommeld had. Niet mijn sterkste punt, hulp vragen én delegeren. Maar op momenten als deze kan het verdomd handig zijn om dat wel te doen.
De avond voorafgaand aan de verhuizing haalde ik samen met een vriendin de vrachtwagen op. Er was nog net geen groot rijbewijs voor nodig maar het was best grote bak. Vriendin had wel voor hetere vuren gestaan en reed er vol gas mee weg. Gaandeweg kwamen wij tot het besef dat deze wagen wel eens te hoog kon zijn om onder de roldeur van de opslagloods door te kunnen en na een rondje langs de loods, bleek dit inderdaad het geval. Niet zo’n handige actie. Vriendin verzon een alternatieve plek voor de wagen, waar wij de karren vol huisraad makkelijk naartoe konden rollen. Beren zijn er om van de weg te halen, moet zij gedacht hebben. En zo kon ik weer opgelucht ademhalen.

Op de verhuisdag starten wij al vroeg bij de garage die ik had mogen gebruiken van een voetbalvriendin. Ik had gedacht dat ik al mijn spullen wel kwijt zou kunnen in de opslag maar uiteindelijk dankte ik God de vriendin op mijn blote knieën dat ik de rest van mijn zooi in haar garage mocht opslaan.
Drie vrienden stonden die ochtend klaar bij de garage, waar we het eerste kwartier kwijt waren met uitvogelen hoe de laadklep van de vrachtwagen naar beneden kregen. Mannen willen alles zelf doen natuurlijk, maar ik durf dan heus de man van de vrachtwagen te bellen en om het geheim van de laadklep te ontrafelen.
Van de oude bank tot de in-eeuwige-bruikleen zijnde antieke linnenkast van zusje, ik zag daar al m’n meubels weer terug na een paar maanden. De mannen sjouwden mijn huisraad zo de wagen in, waarna wij snel richting opslagloods trokken. Daar kwam de rest van de verhuisploeg samen, nog twee vriendinnen en een vriend. En met elkaar hadden we de rest van mijn spullen via de alternatieve route met rolkarren, ook zo richting vrachtwagen gesleept. Eenmaal daar moesten de mannen met ruimtelijk inzicht de wagen opnieuw indelen om alles er in te krijgen, een paar auto’s werden ook gevuld en zo togen we gezamenlijk richting Huize H 2.0.
Zusje had de straat vrijgemaakt voor de vrachtwagen door wat parkeerplaatsen met kliko’s uit de buurt bezet te houden en de koffie stond al te dampen.

Onder lovende kreten bekeek de verhuisploeg het huis, dronk koffie en gingen direct weer door met uitladen. Ik kreeg de taak om de ploeg bij de voordeur te delegeren, zodat de spullen in de juiste ruimte belandde. Er sneuvelde die dag maar één ding. De bank was een apart geval, na een paar verwoede pogingen deze door de deur te krijgen, besloot ik dat hij er niet in kwam (buiten het feit dat de bank er ook écht niet in kwam …). De kussens mochten op de grond, zodat ik indien gewenst een Japanse theeceremonie kon geven, maar de rest van de bank ging terug de vrachtwagen in en zouden we diezelfde middag nog bij het grof vuil afleveren. Zo werd de keuze voor aanschaf van een nieuwe bank ineens een stuk makkelijker, er zou vermoedelijk alleen een bouwpakket door de deur passen.

De verhuisploeg hield de vaart erin. Halverwege die middag stonden alle spullen binnen, m’n bed in elkaar en de oude linnenkast ook. Voor ik het in de gaten had vertrok de ploeg alweer na veel dank en dikke zoenen van mijn kant. En bleef ik achter met een vriendin en vriend die de ‘gesneuvelde’ bank samen met mij naar de stort brachten. Zo vloog de dag waar ik maanden naar uit had gekeken en stiekem ook wel een beetje tegenop zag, voorbij.

Eind van de dag vertrok ik nog één keer richting de bungalow, smeet de laatste spullen in m’n auto. Propte, last but not least, de oude kater en dikke lapjespoes in hun mandjes en reed weer snel terug naar Huize H 2.0.

En in plaats van de Japanse theeceremonie, haalde ik samen met een vriend sushi waar wij knus op de kussens op de grond gezeten, van genoten.
Een bijzonder goede dag, dat was het. En het besef dat ik een groep lieve mensen om mij heen heb en vanaf nu op deze fijne plek mag wonen, deed mij even een traantje wegpinken. Van geluk.