Huize H staat nog steeds te koop en was de laatste tijd weer even in trek. Als de makelaar weer een rondje had gemaakt kreeg ik steevast te horen dat de kijkers zeer geïnteresseerd waren en het ze niet zou verbazen als de kijkers een tweede afspraak zouden plannen voor een bezichtiging. Vervolgens haalde ik mijn schouders maar weer eens op. Het makelaarsjargon doorzag ik inmiddels. Vaak kwam er dan ook geen tweede bezichtiging en hoorde ik weer een hele poos niets van de makelaar. Soms vergat ik zelfs dat het te koop stond.
Tot er in één week meerdere bezichtigingen plaatsvonden, toen werd het toch enigszins spannend. De kijker kwam zelfs nog even bij mij persoonlijk langs, ik leende hem een plank van het parket zodat hij kon uitzoeken of de vloer geschuurd en gelakt kon worden. Toen hij de plank kwam terugbrengen zat hij nog even aan mijn eettafel en verzuchtte hardop dat dit gewoon goed voelde. Op dat moment begon ik er zelf ook in te geloven dat er binnenkort een handjeklap om de koopprijs zou volgen.
Een paar dagen later gaf de makelaar zijn bod door, waarvan ik de neiging kreeg om heel hard te gaan lachen, zo laag was het. Ik dacht er even over na en deed een eenmalig tegenbod. Maar nadat de beste jongen zijn spaarpot had omgekeerd bleek er toch niet voldoende in te zitten om enigszins op een schappelijke prijs uit te komen. En ik was ook niet van plan om Huize H weg te geven omdat het zo’n aardige jongen was natuurlijk.

Persoonlijk maak ik mij er niet zo druk om dat het nog te koop staat. Ik woon hier al jaren prima en kan er op zich ook nog jaren prima wonen. Al ben ik best toe aan een nieuwe stap in mijn leven. Zie ik een knus huisje met karakter dat bij mij past helemaal voor me en ben ik ook wel toe aan een nieuwe woonomgeving. Maar het is niet zo dat ik er wakker van lig, dat het nog niet verkocht is. Sterker, ik slaap er nog steeds bijzonder goed.

Nou werd ik laatst door een vriend op aangesproken hoe het kan dat ik zo relaxed ben onder het feit dat mijn appartement nog te koop staat. Als hij mij was zou hij íedere dag de makelaar bellen om te vragen wat ze van plan waren te ondernemen om mijn appartement te gaan verkopen. Zijn stem klonk bijna boos. En daarnaast, zei hij, heeft hij het idee dat ik bang ben voor verandering. Dat ik volgens hem het liefst alles bij het vertrouwde hou.
Dat ik al lang op dezelfde plek woon, al jaren dezelfde baan heb en een man ook niet echt durf toe te laten in mijn leven. Ik viel bijna van de bank zeg, nadat zijn woorden tot mij doordrongen. Eerst had ik nog niet helemaal door wat hij nou eigenlijk bedoelde maar later moest ik er even van slikken.
Ik wilde roepen dat ik heus ook van verandering hou en soms best in het diepe durf te springen! Maar ik zei niets en er vormde zich een groot vraagteken boven mijn hoofd.

In de daarop volgende dagen dacht ik nog meer na dan anders. Was ik zo’n type die zich vastklampte aan het vertrouwde, durfde ik eigenlijk helemaal niet in het diepe? Een unheimisch gevoel maakte zich van mij meester. Wilde ik niet altijd groots en meeslepend?
Misschien moet ik per ongeluk mijn huissleutel eens in een diepe put laten vallen. Dat ik er niet meer in kom. Voor die tijd niet vergeten de oude kater en lapjespoes in mijn rugzak te stoppen.
Op zoek naar een nieuw avontuur.